ECLI:NL:HR:2010:BM6724
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitspraak Centrale Raad van Beroep inzake Algemene nabestaandenwet
In deze zaak heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie behandeld dat was ingesteld tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 16 juli 2009. Het geschil betrof de toepassing van bepalingen uit de Algemene Weduwen- en Wezenwet (AWW) en de Algemene nabestaandenwet (Anw).
De Centrale Raad van Beroep had een besluit van een bestuursorgaan bevestigd dat betrekking had op de toekenning van een uitkering op grond van de Anw. De Hoge Raad heeft het cassatieberoep afgedaan met toepassing van artikel 81 van Pro de Wet op de Raad van State, wat inhoudt dat het beroep niet-ontvankelijk is verklaard of niet-ontvankelijkheid is vastgesteld.
Door deze beslissing is de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep ongewijzigd gebleven, waarmee het bestuursrechtelijke besluit definitief is bekrachtigd. De Hoge Raad heeft geen inhoudelijke beoordeling van de zaak gegeven, maar de procedurele afdoening betekent dat het beroep in cassatie niet tot een inhoudelijke herziening heeft geleid.
Uitkomst: Het cassatieberoep is afgewezen en de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep is bekrachtigd.