ECLI:NL:HR:2010:BM7003
Hoge Raad
- Cassatie
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.C. van Oven
- W.A.M. van Schendel
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in partneralimentatiegeschil tussen voormalige echtelieden
In deze zaak stond een geschil tussen voormalige echtelieden centraal over partneralimentatie. De vrouw had beroep in cassatie ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof Arnhem van 10 november 2009, waarin het hof een eerdere beslissing bevestigde.
De Hoge Raad verwees naar eerdere vonnissen en beschikkingen van de rechtbank Arnhem en het gerechtshof Arnhem die ten grondslag lagen aan het geschil. De Advocaat-Generaal had geconcludeerd dat het cassatieberoep verworpen moest worden op grond van artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarmee werd het cassatieberoep van de vrouw verworpen en bleef de beschikking van het gerechtshof Arnhem in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de vrouw in het partneralimentatiegeschil is verworpen.