ECLI:NL:HR:2010:BM9241
Hoge Raad
- Cassatie
- C. Schaap
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Uitleg vooruitbetaalde onderhoudskosten bij verhuurde onroerende zaak voor inkomstenbelasting
Belanghebbende was eigenaar van een verhuurd pand en verrichtte in 2000 betalingen voor materialen voor onderhoud, waarvan een deel pas in 2001 werd verwerkt. Het geschil betrof de vraag of deze vooruitbetaalde kosten aftrekbaar zijn in het jaar van betaling.
Het Gerechtshof Arnhem oordeelde dat deze kosten als vooruitbetaling voor onderhoud in een later jaar moeten worden gezien en daarom niet aftrekbaar zijn in 2000. Belanghebbende stelde hiertegen beroep in cassatie in.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het Hof en verduidelijkte dat de wetsgeschiedenis en de tekst van artikel 38, lid 8, Wet IB 1964, duidelijk maken dat vooruitbetaalde onderhoudskosten die betrekking hebben op onderhoud na het kalenderjaar niet in dat jaar aftrekbaar zijn. De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep ongegrond.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de aftrek van vooruitbetaalde onderhoudskosten voor een later jaar wordt geweigerd.