ECLI:NL:HR:2010:BN3481
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- C. Schaap
- A.H.T. Heisterkamp
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt motiveringsvereiste bij beroep tegen belastingaanslag
Belanghebbende kreeg voor het jaar 2005 een aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur de aanslag. De Rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende tegen deze uitspraak niet-ontvankelijk wegens onvoldoende motivering. Het Hof vernietigde deze uitspraak en verklaarde het beroep ongegrond, waarbij het oordeelde dat de motivering voldoende was omdat belanghebbende verwees naar een beroepschrift in een andere zaak.
Belanghebbende stelde vervolgens cassatieberoep in tegen het arrest van het Hof, terwijl de Staatssecretaris van Financiën incidenteel cassatieberoep instelde. De Hoge Raad onderzocht of het overleggen van een kopie van een beroepschrift in een andere zaak kan voldoen aan de motiveringsvereiste van artikel 6:5, lid 1, Awb.
De Hoge Raad oordeelde dat de motiveringsvereiste niet wordt geschonden indien uit de verwijzing naar het beroepschrift in de andere zaak duidelijk blijkt op welke gronden het beroep berust. De klacht dat het beroep onvoldoende was gemotiveerd faalde daarom. Het principale beroep werd eveneens ongegrond verklaard. De Hoge Raad veroordeelde partijen niet in de proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart beide cassatieberoepen ongegrond en bevestigt dat de motiveringsvereiste is vervuld door verwijzing naar een beroepschrift in een andere zaak.