ECLI:NL:HR:2010:BN4151
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J.W. Ilsink
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest wegens onvoldoende motivering vergunning kansspelen
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin verdachte werd bewezen verklaard dat hij in de periode van februari 2004 tot september 2006 zonder vergunning gelegenheid gaf tot deelname aan de Lotto, een kansspel.
Het bewijs bestond uit verklaringen van verdachte, verklaringen van betrokkenen, proces-verbalen van de Belastingdienst, afgeluisterde telefoongesprekken en andere bewijsmiddelen. De verdediging stelde onder meer dat niet duidelijk was dat verdachte geen vergunning had.
De Hoge Raad oordeelde dat uit de gebruikte bewijsmiddelen niet zonder meer kon worden afgeleid dat verdachte telkens geen vergunning had ingevolge de Wet op de kansspelen. Hierdoor ontbrak het aan een deugdelijke motivering van de bewezenverklaring op dit punt.
Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest voor zover het de straf betrof en verwees de zaak terug naar het hof Amsterdam voor een nieuwe berechting op het bestaande hoger beroep. De overige middelen werden verworpen omdat zij geen rechtsvragen opriepen die beantwoording behoefden.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.