ECLI:NL:HR:2010:BN8522

Hoge Raad

Datum uitspraak
19 november 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/00675
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:658 BWArt. 81 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt afwijzing cassatie in arbeidsongeval met zorgplicht werkgever

In deze zaak stond een geschil over een arbeidsongeval centraal waarbij de zorgplicht van de werkgever, zoals neergelegd in artikel 7:658 BW Pro, werd betwist. Eiser stelde dat The Knowledge Uitzendorganisatie B.V. en Philips Lighting B.V. tekort waren geschoten in hun zorgplicht jegens hem.

De zaak werd behandeld door de kantonrechter en het gerechtshof te 's-Hertogenbosch, waarbij laatstgenoemde het beroep van eiser afwees. Eiser stelde vervolgens cassatieberoep in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep verworpen zonder nadere motivering, aangezien de aangevoerde klachten niet leidden tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Tevens werd eiser veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.

De uitspraak bevestigt de eerdere beoordeling van het hof en benadrukt de zorgplicht van werkgevers in arbeidsongevallen, zonder dat er nieuwe rechtsvragen werden opgeworpen.

Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en eiser wordt veroordeeld in de kosten.

Uitspraak

19 november 2010
Eerste Kamer
09/00675
DV/IF
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
advocaat: mr. M.M. van Asperen,
t e g e n
1. THE KNOWLEDGE UITZENDORGANISATIE B.V.,
gevestigd te 's-Hertogenbosch,
2. PHILIPS LIGHTING B.V.,
gevestigd te Oss,
VERWEERSTERS in cassatie,
advocaten: mr. B.T.M. van der Wiel en mr. L.C. Dufour.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en The Knowledge c.s.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 326937 van de kantonrechter te 's-Hertogenbosch van 18 november 2004, 1 september 2005 en 1 februari 2007;
b. het arrest in de zaak HD 103.004.924 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 11 november 2008.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
The Knowledge c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 8 oktober 2010 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van The Knowledge c.s. begroot op € 384,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, W.A.M. van Schendel en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 19 november 2010.