ECLI:NL:HR:2010:BN9459
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- W.D.H. Asser
- C.E. Drion
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep tegen tussentijdse beëindiging WSNP
In deze zaak heeft de verzoeker cassatie ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem van 2 april 2009, waarin de tussentijdse beëindiging van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) werd bevestigd op basis van artikel 350 lid 3 onder Pro c en e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. De Hoge Raad verwijst naar het vonnis van de rechtbank Zutphen van 23 februari 2009 en het arrest van het hof dat aan het arrest is gehecht.
De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie. De Hoge Raad overweegt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie en dat geen nadere motivering nodig is omdat de klachten geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.
De Hoge Raad wijst het beroep af en bevestigt daarmee het arrest van het gerechtshof Arnhem, waarmee de tussentijdse beëindiging van de WSNP rechtsgeldig is verklaard.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de tussentijdse beëindiging van de WSNP.