ECLI:NL:HR:2010:BO1992
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat levering plaatsvindt bij ondertekening akte van levering zonder opschortende voorwaarden
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting opgelegd die na bezwaar werd verminderd. De Rechtbank Haarlem verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de aanslag, maar het Hof Amsterdam vernietigde deze uitspraak en verklaarde het beroep ongegrond. In cassatie stelde belanghebbende dat het Hof ten onrechte oordeelde dat de akte van levering pas bij inschrijving in het kadaster en na het vervallen van een ontbindende voorwaarde rechtsgevolgen sorteert.
De Hoge Raad oordeelde dat artikel 8, lid 1, van de Wet op belastingen van rechtsverkeer geen eisen stelt aan het tijdstip of voorwaarden voor inschrijving van de akte. De akte van levering was geschikt om de eigendom over te dragen en de daarin opgenomen ontbindende voorwaarde was feitelijk een ontbindende en geen opschortende voorwaarde. Hierdoor vond de levering plaats op de datum van de akte van levering, 7 maart 2005.
De Hoge Raad verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het arrest van het Hof en bevestigde het vonnis van de Rechtbank. Tevens werden de proceskosten aan de zijde van belanghebbende toegewezen. Dit arrest verduidelijkt de interpretatie van het tijdstip van verkrijging voor overdrachtsbelasting bij ontbindende voorwaarden in leveringsakten.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de verkrijging plaatsvindt op de datum van de akte van levering, ondanks ontbindende voorwaarden voor inschrijving.