ECLI:NL:HR:2011:BL9008
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- W.M.E. Thomassen
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Veroordeling bedreiging en mishandeling met gedeeltelijke niet-ontvankelijkverklaring wegens verjaring
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam waarin verdachte werd veroordeeld voor mishandeling, bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, en wederrechtelijke vrijheidsberoving van het slachtoffer in de periode van 2000 tot 2006.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht heeft bewezenverklaard dat verdachte het slachtoffer mishandelde en bedreigde, onder meer met de dreiging per sms: "Als ik erachter kom met wie je vreemd bent gegaan dan krijgt diegene een kogel van mij en dat heb jij dan op je geweten." De Hoge Raad verwierp het verweer dat het misdrijf gericht moet zijn op het leven van het bedreigde slachtoffer zelf.
Echter, voor de feiten gepleegd tussen 14 februari 2000 en 12 april 2000 is de strafvordering verjaard, waardoor de Hoge Raad het arrest vernietigt voor die feiten en de Officier van Justitie niet-ontvankelijk verklaart. Verder vermindert de Hoge Raad de opgelegde taakstraf wegens overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in art. 6 EVRM Pro.
De overige middelen van cassatie worden verworpen en het arrest wordt in zoverre bevestigd. De Hoge Raad spreekt het arrest uit op 25 januari 2011.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest voor verjaarde feiten en verklaart de OvJ niet-ontvankelijk, vermindert de taakstraf wegens termijnoverschrijding en bevestigt het overige.