ECLI:NL:HR:2011:BO7117

Hoge Raad

Datum uitspraak
21 januari 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/02601
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
5 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging hofuitspraak over partij bij koopovereenkomst volgens Haviltex-criterium

In deze zaak staat centraal wie als koper partij is geworden bij een koopovereenkomst. De Hoge Raad verwijst naar eerdere vonnissen van de rechtbank Roermond en arresten van het gerechtshof 's-Hertogenbosch, waarin het geschil uitvoerig is behandeld. Het geschil betreft de uitleg van de koopovereenkomst aan de hand van het Haviltex-criterium, dat bepaalt hoe de wederzijdse verwachtingen van partijen bij de overeenkomst moeten worden geïnterpreteerd.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van eiseres verworpen, waarmee het eindarrest van het gerechtshof wordt bekrachtigd. De klachten die in cassatie zijn aangevoerd, zijn niet ontvankelijk geacht omdat zij geen rechtsvragen bevatten die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. De Hoge Raad heeft het beroep van eiseres afgewezen en haar veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.

De uitspraak is gedaan door een kamer van vijf raadsheren onder voorzitterschap van vice-president Beukenhorst en is in het openbaar uitgesproken door raadsheer Numann. De zaak bevestigt de toepassing van het Haviltex-criterium bij de uitleg van koopovereenkomsten en verduidelijkt wie als partij bij een koopovereenkomst kan worden aangemerkt.

Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof wordt bekrachtigd.

Uitspraak

21 januari 2011
Eerste Kamer
09/02601
EE/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiseres],
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P.S. Kamminga,
t e g e n
[Verweerder],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. R.A.A. Duk.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en [verweerder].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 69313/HA ZA 05-619 van de rechtbank Roermond van 30 november 2005 en 24 januari 2007;
b. de arresten in de zaak HD 103.005.221 (rolnummer C0700759/RO) van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 11 december 2007 (tussenarrest) en 7 april 2009 (eindarrest).
Het eindarrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het eindarrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[Verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor [eiseres] toegelicht door haar advocaat en voor [verweerder] door mr. M. Ynzonides en
mr. F. El Kouri, advocaten te Amsterdam.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 384,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren E.J. Numann, A. Hammerstein, W.A.M. van Schendel en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 21 januari 2011.