ECLI:NL:HR:2011:BP0570

Hoge Raad

Datum uitspraak
11 maart 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/04186
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt afwijzing cassatie in verbintenissenrechtelijke opdrachtzaak

In deze zaak stond de uitvoering van een overeenkomst van opdracht centraal. Eiseres, gevestigd te een vestigingsplaats, had beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 14 juli 2009, waarin het geschil tussen eiseres en verweerster werd beslecht.

De Hoge Raad verwijst naar eerdere vonnissen van de rechtbank Breda en het arrest van het gerechtshof, die aan dit arrest zijn gehecht. Verweerster was in cassatie verstek verleend en was niet verschenen. De advocaat van eiseres lichtte het cassatieberoep toe.

De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad volgt dit advies en oordeelt dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden, mede omdat deze geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.

De Hoge Raad veroordeelt eiseres in de kosten van het cassatiegeding, welke aan de zijde van verweerster nihil zijn begroot. Hiermee wordt het arrest van het hof bevestigd en het cassatieberoep verworpen.

Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof bevestigd.

Uitspraak

11 maart 2011
Eerste Kamer
09/04186
EE/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
[Eiseres],
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. K. Aantjes,
t e g e n
[Verweerster],
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en [verweerster].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 176185/HA ZA 07-1002 van de rechtbank Breda van 12 september 2007 en 19 maart 2008;
b. het arrest in de zaak HD 200.004.650 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 14 juli 2009.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen [verweerster] is verstek verleend.
De zaak is voor [eiseres] toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 11 maart 2011.