ECLI:NL:HR:2011:BP3042
Hoge Raad
- Cassatie
- A. Hammerstein
- W.D.H. Asser
- C.E. Drion
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geldigheid overeenkomst van geldlening
In deze zaak stond centraal de vraag of een overeenkomst van geldlening tot stand was gekomen tussen eiseres en verweerster. Eiseres had tegen het arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage beroep in cassatie ingesteld. Het hof had eerder geoordeeld dat de overeenkomst geldig was.
De Hoge Raad verwijst naar de eerdere vonnissen van de kantonrechter en het arrest van het hof, en behandelt het cassatieberoep zonder nadere motivering, omdat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie en geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling bevatten.
De Hoge Raad verwerpt het beroep van eiseres en veroordeelt haar in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee blijft het arrest van het hof in stand en wordt bevestigd dat de geldleningsovereenkomst rechtsgeldig tot stand is gekomen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.