ECLI:NL:HR:2011:BP8685

Hoge Raad

Datum uitspraak
27 mei 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/04260
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Uitleg akte tot vestiging van erfdienstbaarheid van weg en gebruiksmogelijkheden van dienend erf

In deze zaak stond de uitleg van een akte tot vestiging van een erfdienstbaarheid van weg centraal, met bijzondere aandacht voor de gebruiksmogelijkheden van het dienend erf.

De zaak werd in eerste aanleg behandeld door de rechtbank 's-Gravenhage, waarna het gerechtshof te 's-Gravenhage op 14 juli 2009 arrest wees. Tegen dit arrest stelde V&R cassatieberoep in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Het cassatieberoep werd verworpen en V&R werd veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. Hiermee bleef het arrest van het gerechtshof in stand.

Uitkomst: Het cassatieberoep van V&R wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft in stand.

Uitspraak

27 mei 2011
Eerste Kamer
09/04260
DV/MD
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
V&R INTERHOLDING B.V.,
gevestigd te Monster, gemeente Westland,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. R.N.A.M. Kester,
t e g e n
[Verweerster],
gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. H.J.W. Alt.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als V&R en [verweerster].
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 287623/HA ZA 07-1575 van de rechtbank 's-Gravenhage van 18 juli 2007 en 30 januari 2008;
b. het arrest in de zaak 105.007.789/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 14 juli 2009.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft V&R beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[Verweerster] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor [verweerster] toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt V&R in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 384,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens en J.C. van Oven, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 27 mei 2011.