ECLI:NL:HR:2011:BP8956
Hoge Raad
- Cassatie
- A.R. Leemreis
- J.A.C.A. Overgaauw
- P.M.F. van Loon
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voortzetting samenwerkingsverband bij uittreding en toetreding firmanten voor kleinschaligheidsinvesteringsaftrek
Belanghebbende, een vennootschap, kreeg voor het jaar 2002 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd die na bezwaar en beroep door rechtbank en hof werd bevestigd. De kern van het geschil was of bij de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek de vraag relevant is of bij uittreding van een firmant en toetreding van een nieuwe firmant sprake is van voortzetting van hetzelfde samenwerkingsverband.
De Hoge Raad stelt dat voor de toepassing van artikel 3.41, lid 3, Wet IB 2001 niet van belang is of het samenwerkingsverband ongewijzigd blijft of dat er sprake is van een nieuw samenwerkingsverband door wisseling van vennoten. De vraag of er twee opeenvolgende samenwerkingsverbanden zijn, behoeft daarom geen beantwoording.
De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en veroordeelt belanghebbende niet in de proceskosten. Hiermee bevestigt de Hoge Raad de eerdere uitspraken van rechtbank en hof dat de aanslag terecht is opgelegd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting blijft gehandhaafd.