ECLI:NL:GHSGR:2010:BL7118
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing investeringsaftrek bij wisselend samenwerkingsverband in vennootschapsbelasting
Belanghebbende, een vennootschap onder firma actief in de uienhandel, voerde in 2002 investeringen uit via een samenwerkingsverband met wisselende samenstelling. De Inspecteur stelde dat de investeringen van het gehele samenwerkingsverband samengeteld moesten worden voor de toepassing van de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, wat resulteerde in een investeringsbedrag boven de drempel waarbij geen aftrek geldt.
Belanghebbende betwistte dit en stelde dat er sprake was van twee afzonderlijke samenwerkingsverbanden in 2002, waardoor de investeringen niet samengevoegd hoefden te worden. Het hof oordeelde echter dat het samenwerkingsverband slechts was gewijzigd door het uittreden van een vennoot en toetreding van een nieuwe, maar dat de onderneming onafgebroken werd voortgezet binnen hetzelfde samenwerkingsverband.
Hierdoor werd het totale investeringsbedrag van € 298.560 als uitgangspunt genomen, wat leidde tot een investeringsaftrekpercentage van 0%. Het hof verwierp het hoger beroep van belanghebbende en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werden geen proceskosten toegewezen.
De uitspraak is gedaan door het Gerechtshof 's-Gravenhage op 5 januari 2010 en kan binnen zes weken worden aangevochten bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de aanslag vennootschapsbelasting blijft ongewijzigd omdat het investeringsbedrag het maximum voor aftrek overschrijdt.