ECLI:NL:HR:2011:BP9409

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 mei 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
10/00980 E
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping beroep in cassatie in economische strafzaak over Diergeneesmiddelenwet

Op 17 mei 2011 heeft de Hoge Raad der Nederlanden het beroep in cassatie behandeld tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch in een strafzaak betreffende de Diergeneesmiddelenwet.

De verdachte, vertegenwoordigd door mr. R.P. Küffen, stelde een middel van cassatie voor. De Advocaat-Generaal Silvis adviseerde tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kon leiden en dat geen nadere motivering noodzakelijk was omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Het arrest werd gewezen door vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en raadsheren J. de Hullu en W.F. Groos, en uitgesproken op 17 mei 2011. Het cassatieberoep is derhalve verworpen.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte wordt verworpen door de Hoge Raad.

Uitspraak

17 mei 2011
Strafkamer
nr. 10/00980 E
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch, Economische Kamer, van 9 juni 2009, nummer 20/000448-08, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], gevestigd te [vestigingsplaats].
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. R.P. Küffen, advocaat te Kerkrade, een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Silvis heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2. Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en W.F. Groos, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 17 mei 2011.