ECLI:NL:HR:2011:BQ3777
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatie tegen bewezenverklaring die ontkenning verdachte afwijst
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch waarin verdachte werd bewezen verklaard dat hij op 16 oktober 2007 te Geldrop met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening benzine heeft weggenomen van een tankstation.
Verdachte voerde aan dat hij zonder oogmerk tot diefstal handelde, maar slechts wilde tanken en daarna geld wilde halen om te betalen. Het hof verwierp dit verweer, omdat verdachte wist dat hij geen geld bij zich had en geen poging deed dit aan de pomphouder kenbaar te maken.
De Hoge Raad beoordeelde het middel dat klaagde over een onjuiste weergave van de verklaring van verdachte en het ontbreken van een deugdelijke motivering. De Hoge Raad oordeelde dat het hof het tijdstip waarop verdachte wist dat hij geen geld bij zich had van ondergeschikte betekenis achtte en dat verdachte daardoor geen belang had bij dit middel.
Daarom werd het cassatieberoep verworpen en het arrest van het hof bekrachtigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.