ECLI:NL:HR:2011:BQ6019
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- W.A.M. van Schendel
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatieberoep verdachte door Hoge Raad
Op 5 juli 2011 heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van verdachte verworpen tegen het arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 23 december 2009. Het beroep was ingesteld door verdachte en vertegenwoordigd door mr. B.P. de Boer. De Advocaat-Generaal Vellinga adviseerde tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad oordeelde dat het middel niet tot cassatie kan leiden en dat gezien artikel 81 van Pro het Wetboek van Strafvordering geen nadere motivering noodzakelijk is, omdat het middel geen rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproept.
Het arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter en de raadsheren W.A.M. van Schendel en W.F. Groos, en uitgesproken in aanwezigheid van de waarnemend griffier J.D.M. Hart.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen, het arrest van het hof blijft in stand.