ECLI:NL:HR:2011:BR5211
Hoge Raad
- Cassatie
- F.B. Bakels
- W.D.H. Asser
- C.E. Drion
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige verkoop van auto door man aan derde en schadevergoeding aan vrouw
Partijen hadden een affectieve relatie en samenwoning die in augustus 2005 werd verbroken. De vrouw was eigenaar van een Mercedes-Benz auto, die de man zonder haar toestemming meenam en aan een derde verkocht. De vrouw vorderde vergoeding van de waarde van de auto per medio 2005.
Het hof wees de schadevergoeding af omdat de vrouw onvoldoende had gesteld over de hoogte van de schade. De Hoge Raad oordeelde dat het hof te hoge eisen aan de stelplicht had gesteld en dat de vrouw voldoende had gesteld dat zij schade had geleden. Het hof had de zaak moeten verwijzen voor nadere vaststelling van de schade of de schade moeten schatten op grond van artikel 6:97 BW Pro.
De Hoge Raad schatte de schade op €40.000, de waarde die de vrouw bij repliek had gesteld en die door de man niet was bestreden. De man werd veroordeeld tot betaling van deze schadevergoeding met wettelijke rente vanaf 27 december 2005, de datum van de inleidende dagvaarding.
Uitkomst: Man wordt veroordeeld tot betaling van €40.000 schadevergoeding aan vrouw wegens onrechtmatige verkoop van haar auto.