ECLI:NL:HR:2011:BT8770
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Nietigheid wegens ontbreken gemotiveerde beslissing op verzoek tot horen getuige
In deze strafzaak heeft de verdediging verzocht om het horen van meerdere getuigen, waaronder een betrokkene die informatie zou kunnen geven over de start van het onderzoek en het gebruik van een warmtescan. Het hof wees dit verzoek af, stellende dat er geen noodzaak was voor het horen van deze getuigen, mede omdat de opsporingsambtenaren tot een redelijk vermoeden van een strafbaar feit konden komen op basis van diverse proces-verbalen.
De Hoge Raad oordeelt dat op grond van artikel 330 Sv Pro de rechter op straffe van nietigheid een uitdrukkelijk gemotiveerde beslissing moet geven over een dergelijk verzoek, en dat deze beslissing in het verkorte vonnis of arrest moet zijn opgenomen, tenzij reeds ter terechtzitting beslist. In deze zaak ontbreekt een dergelijke beslissing in het proces-verbaal van de terechtzitting en in het verkorte arrest, aangezien de beslissing abusievelijk in een latere aanvulling is opgenomen.
Daarom wordt het bestreden arrest vernietigd en wordt de zaak terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting en afdoening, waarbij het verzoek tot het horen van de getuige opnieuw gemotiveerd moet worden behandeld.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens het ontbreken van een gemotiveerde beslissing op het verzoek tot het horen van een getuige, en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde behandeling.