ECLI:NL:HR:2011:BU5699
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Beoordeling cassatieberoep inzake Wet waardering onroerende zaken en onroerendezaakbelastingen
In deze zaak heeft de Hoge Raad het cassatieberoep behandeld van X te Z tegen het arrest van het gerechtshof ’s-Gravenhage van 13 oktober 2010. Het geschil betrof een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ) en een aanslag onroerendezaakbelasting.
De Hoge Raad heeft het beroep in cassatie afgedaan op grond van artikel 81 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie (RO), hetgeen inhoudt dat het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard of niet-ontvankelijk werd verklaard zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.
Deze beslissing bevestigt het oordeel van het gerechtshof en betekent dat de bezwaren van X tegen de WOZ-beschikking en de aanslag onroerendezaakbelasting niet tot een wijziging van het oordeel hebben geleid. De zaak betreft bestuursrechtelijke en belastingrechtelijke aspecten rondom de waardering van onroerende zaken en de daarop gebaseerde belastingheffing.
Uitkomst: Het cassatieberoep is afgewezen op grond van artikel 81 RO, waardoor het arrest van het gerechtshof is bekrachtigd.