ECLI:NL:HR:2012:BQ7341
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- A.R. Leemreis
- E.N. Punt
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat heffing-PVV en premie-CBS niet tot vergoeding slachtdieren behoren
Belanghebbende exploiteerde een slachterij en kocht slachtvarkens van veehouders. Over het tijdvak november 2004 verzocht zij om teruggaaf van omzetbelasting. De Inspecteur verleende deze teruggaaf, maar handhaafde dit na bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en beval een aanvullende teruggaaf. Het hof vernietigde deze uitspraak en verklaarde het beroep ongegrond.
De kern van het geschil betrof de vraag of de door belanghebbende betaalde heffing van het Productschap Vee en Vlees (heffing-PVV) en de premie aan het Centraal Bureau Slachtveeverzekeringen (premie-CBS) onderdeel uitmaken van de vergoeding voor de levering van de slachtdieren. Belanghebbende stelde dat deze bedragen bij de vergoeding moesten worden opgeteld, terwijl het hof oordeelde dat deze kostenposten niet voortvloeien uit een overeenkomst tot het verrichten van een prestatie jegens de leverancier.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof dat geen zelfstandige juridische titel bestaat om de heffing-PVV en premie-CBS op de leverancier te verhalen. Hierdoor verminderen deze bedragen de vergoeding die de leverancier ontvangt. De Hoge Raad verwierp het cassatiemiddel en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat de heffing-PVV en premie-CBS niet tot de vergoeding voor de levering van slachtdieren behoren.