ECLI:NL:HR:2012:BU3614
Hoge Raad
- Cassatie
- W.A.M. van Schendel
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing wegens onvoldoende onderzoek en gegronde bewijsklacht in flessentrekkerijzaak
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Leeuwarden waarin verdachte werd veroordeeld voor flessentrekkerij, het kopen van goederen met het oogmerk deze niet te betalen. De Hoge Raad oordeelt dat het hof in hoger beroep het onderzoek niet voldoende heeft gericht op de door verdachte ingebracht bezwaren, maar dit strookt met de bedoeling van art. 415, tweede lid, Sv. Wel wordt een gegronde bewijsklacht erkend ten aanzien van de bewezenverklaring van een aantal onderdelen van het ten laste gelegde feit.
De feiten betreffen tientallen aankopen door verdachte in de periode 2009-2010 bij diverse bedrijven, waarbij hij wist dat hij niet kon betalen. Diverse getuigen verklaren dat verdachte bewust goederen bestelde om deze snel door te verkopen en zo geld te verkrijgen, veelal voor het financieren van een cocaïneverslaving. Verdachte ontkent de feiten en voert aan dat hij financiële problemen had, dat hij niet alle facturen heeft gezien en dat anderen goederen hebben besteld zonder zijn medeweten.
De Hoge Raad vernietigt het arrest voor zover het betrekking heeft op de bewezenverklaring van genoemde onderdelen van het feit, de strafoplegging en beslissingen over vorderingen van benadeelde partijen en schadevergoedingen. De zaak wordt terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting met inachtneming van de Hoge Raad-beslissing. De overige middelen worden verworpen.
Uitkomst: Het arrest wordt gedeeltelijk vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.