ECLI:NL:HR:2012:BX0333

Hoge Raad

Datum uitspraak
21 september 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/03874
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 RO
Verwijzingen
6 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot cassatie inzake kinderalimentatie en verdeling onderhoudslasten tussen biologische vader en stiefvader

De zaak betreft een geschil over kinderalimentatie waarbij de verdeling van onderhoudslasten tussen de biologische vader en de stiefvader centraal stond. De vrouw, verzoekster tot cassatie, was het niet eens met de beschikking van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 24 mei 2011, waarin de behoeftebepaling en de verdeling van de onderhoudslasten waren vastgesteld.

De man, verweerder in cassatie, heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen. De Hoge Raad heeft het cassatieberoep inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden. Er was geen noodzaak tot nadere motivering omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad heeft daarom het beroep verworpen en de beschikking van het hof bekrachtigd. De uitspraak werd gedaan door de raadsheren Van Buchem-Spapens, Loth, Snijders en in het openbaar uitgesproken door Van Oven op 21 september 2012.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bekrachtigt de beschikking van het gerechtshof.

Uitspraak

21 september 2012
Eerste Kamer
11/03874
DV/DH
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[De vrouw],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. C.G.A. van Stratum,
t e g e n
[De man],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de beschikking in de zaak 206572 FA RK 09-3017 van de rechtbank Breda van 21 juli 2010;
b. de beschikking in de zaak HV 200.075.753/01 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 24 mei 2011.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.A. Loth en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 21 september 2012.