ECLI:NL:HR:2012:BX4563
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J.M. Corstens
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- J. Wortel
- Rechtspraak.nl
Vonnis Hoge Raad over cassatie in witwaszaak met bewijs en strafvermindering wegens termijnoverschrijding
De zaak betreft een cassatieberoep van een verdachte die werd veroordeeld voor het opzettelijk witwassen van geld op Sint Maarten in juni 2006. Het Gemeenschappelijk Hof had vastgesteld dat verdachte meerdere contante stortingen onder de meldingsgrens deed en het geld via een offshorebedrijf liet wegsluizen. Verdachte gaf aan dat het geld afkomstig was van security-adviezen, maar kon dit niet aannemelijk maken.
De Hoge Raad oordeelde dat het bewijs voldoende is en de bewezenverklaring niet onbegrijpelijk is. Wel is de redelijke termijn overschreden, waardoor de straf verminderd wordt van 24 maanden (waarvan 6 voorwaardelijk) naar 23 maanden gevangenisstraf met dezelfde voorwaardelijke periode.
Het arrest bevestigt het belang van een zorgvuldige bewijsvoering bij witwaszaken en benadrukt de toepassing van FATF-indicatoren. De Hoge Raad wijst het beroep in cassatie verder af en vernietigt alleen het onderdeel van de strafoplegging.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd tot 23 maanden waarvan 6 maanden voorwaardelijk wegens overschrijding van de redelijke termijn.