ECLI:NL:HR:2012:BX6945
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savonin Lohman
- J. de Hullu
- Y. Buruma
- N. Jörg
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt ontoelaatbaarheid uitlevering wegens politiek delict volgens Nederlands recht
De zaak betreft een verzoek tot uitlevering van een persoon aan Turkije wegens betrokkenheid bij terroristische activiteiten en het plegen van ernstige misdrijven, waaronder ontvoering en moord, binnen de context van artikel 146 van Pro het Turkse Wetboek van Strafrecht. De Rechtbank Zwolle-Lelystad verklaarde de uitlevering ontoelaatbaar omdat het feit volgens Nederlands recht een politiek delict betreft, hetgeen uitlevering uitsluit.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van het Openbaar Ministerie verworpen en de beslissing van de rechtbank bekrachtigd. De Hoge Raad oordeelde dat de uitlevering uitsluitend was verzocht voor het delict omschreven in artikel 146 van Pro het Turkse Wetboek, dat overeenkomt met artikel 94 van Pro het Nederlandse Wetboek van Strafrecht. Dit artikel wordt echter door de Nederlandse jurisprudentie als een absoluut politiek delict beschouwd, waardoor uitlevering niet is toegestaan.
Hoewel het uitleveringsverzoek tevens verwees naar het Europees Verdrag tot bestrijding van terrorisme, was dit onvoldoende om de uitlevering toe te staan. De Hoge Raad benadrukte dat de verzoekende staat expliciet had moeten aangeven indien het verzoek betrekking had op andere feiten dan artikel 146, wat niet was gebeurd. Hierdoor blijft de uitlevering ontoelaatbaar en wordt het beroep van het Openbaar Ministerie verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat uitlevering ontoelaatbaar is omdat het delict als politiek delict wordt beschouwd.