Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de middelen
3.Beslissing
26 november 2013.
Hoge Raad
Betrokkene heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het gerechtshof Leeuwarden van 21 maart 2012, waarin een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel tegen hem was toegewezen.
De Hoge Raad heeft het beroep beoordeeld aan de hand van de middelen die door de advocaat van betrokkene zijn voorgesteld. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad oordeelt dat de middelen niet leiden tot cassatie en dat nadere motivering niet nodig is omdat geen rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde zijn.
Daarom wordt het beroep verworpen en blijft het arrest van het gerechtshof Leeuwarden in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft in stand.