ECLI:NL:HR:2013:1459

Hoge Raad

Datum uitspraak
29 november 2013
Publicatiedatum
28 november 2013
Zaaknummer
13/02208
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in AOW-zaak tegen SVB-besluit

Belanghebbenden hebben beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 26 maart 2013, waarin hun hoger beroep tegen een besluit van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) op grond van de Algemene Ouderdomswet (AOW) was behandeld.

De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbenden beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie was nadere motivering niet vereist omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is op 29 november 2013 in het openbaar uitgesproken door raadsheer C. Schaap als voorzitter, met raadsheren M.A. Fierstra en Th. Groeneveld, en waarnemend griffier F. Treuren.

Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep bevestigd.

Uitspraak

29 november 2013
Nr. 13/02208
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X1]te
[Z]en
[X2]te
[Z](hierna: belanghebbenden) tegen de uitspraak van de
Centrale Raad van Beroepvan 26 maart 2013, nrs. 11/4956 AOW en 11/4957 AOW, op het hoger beroep van belanghebbenden tegen een uitspraak van de Rechtbank Haarlem (nrs. 11/201 en 11/877) betreffende een besluit van de Sociale verzekeringsbank (hierna: de SVB) ingevolge de Algemene Ouderdomswet.

1.Geding in cassatie

Belanghebbenden hebben tegen de uitspraak van de Centrale Raad beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.
De SVB heeft een verweerschrift ingediend.

2.Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 29 november 2013.