Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de middelen
3.Beslissing
3 december 2013.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep ingesteld door de verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 13 februari 2012. De advocaat van de verdachte heeft middelen van cassatie voorgesteld, die door de Advocaat-Generaal zijn bestreden met een conclusie tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad heeft de middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Er is geen noodzaak tot nadere motivering omdat de middelen geen rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.
Daarom heeft de Hoge Raad het beroep verworpen en het arrest van het Gerechtshof bevestigd. De uitspraak is gedaan door de strafkamer van de Hoge Raad op 3 december 2013, waarbij drie raadsheren het arrest hebben gewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het arrest van het Gerechtshof Arnhem.