ECLI:NL:HR:2013:2088

Hoge Raad

Datum uitspraak
20 december 2013
Publicatiedatum
19 december 2013
Zaaknummer
13/02832
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt uitspraak over rioolheffing aanslagen gemeente Grootegast

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Grootegast stelde cassatieberoep in tegen een uitspraak van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, waarin het hoger beroep van belanghebbende tegen aanslagen in de rioolheffing werd behandeld.

De Hoge Raad beoordeelde de klachten van het college, maar oordeelde dat deze niet tot cassatie konden leiden. Gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie was nadere motivering niet vereist omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die relevant zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Het college werd veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding, vastgesteld op €1888 voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Tevens werd een griffierecht van €478 geheven. Het arrest werd uitgesproken door de raadsheren Schaap, Fierstra en Groeneveld op 20 december 2013.

Uitkomst: Het cassatieberoep van het college wordt ongegrond verklaard en het college wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

20 december 2013
Nr. 13/02832
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Grootegast(hierna: het College) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, van 28 mei 2013, nr. 11/00374, op het hoger beroep van
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen een uitspraak van de Rechtbank te Groningen (nr. AWB 11/1384) betreffende ten aanzien van belanghebbende opgelegde aanslagen in de rioolheffing.

1.Geding in cassatie

Het College heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.
Belanghebbende heeft een verweerschrift ingediend.
Het College heeft een conclusie van repliek ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van dupliek ingediend.

2.Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Proceskosten

Het College zal worden veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie ongegrond, en veroordeelt het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Grootegast, in de kosten van het geding in cassatie aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op € 1888 voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 20 december 2013.
Van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Grootegast wordt een griffierecht geheven van € 478.