ECLI:NL:HR:2013:BY8371

Hoge Raad

Datum uitspraak
22 januari 2013
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
12/03523
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep door verdachte tegen arrest gerechtshof 's-Hertogenbosch

Op 22 januari 2013 heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van de verdachte verworpen dat was ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 27 april 2012. De verdachte werd in cassatie vertegenwoordigd door mr. I.P. Sigmond. De Advocaat-Generaal had geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.

De Hoge Raad oordeelde dat de middelen van het cassatieberoep niet tot cassatie konden leiden en dat, gelet op artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering en eerdere jurisprudentie (HR 22 januari 2013, LJN BY8365), geen nadere motivering noodzakelijk was. Dit omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Het arrest werd gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, samen met raadsheren N. Jörg en V. van den Brink, en uitgesproken in aanwezigheid van de waarnemend griffier E. Schnetz. Het cassatieberoep werd formeel afgewezen, waarmee het arrest van het gerechtshof in stand bleef.

Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte is verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft in stand.

Uitspraak

22 januari 2013
Strafkamer
nr. S 12/03523
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 27 april 2012, nummer 20/002829-10, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1962.
1. Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. I.P. Sigmond, advocaat te Heerlen, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Vegter heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
2. Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, - en wat betreft het derde middel ook HR 22 januari 2013, LJN BY8365 - geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3. Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren N. Jörg en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 22 januari 2013.