ECLI:NL:HR:2013:BZ0291
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Verwerping cassatie in familierechtelijke betwisting en inroeping van staat
In deze zaak stond een geschil centraal over betwisting en inroeping van staat binnen het familierecht, met toepassing van de artikelen 1:209 tot en met 1:211 van het Burgerlijk Wetboek. Het geding begon bij de rechtbank Zwolle-Lelystad met meerdere beschikkingen en werd vervolgens behandeld door het gerechtshof te Leeuwarden, dat op 15 maart 2012 een beschikking gaf.
De verzoeker stelde beroep in cassatie in tegen de beschikking van het hof. De advocaat-generaal adviseerde het beroep te verwerpen, waarop de verzoeker reageerde. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat er geen noodzaak was tot nadere motivering omdat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren.
De Hoge Raad wees het beroep af en zag geen aanleiding voor een kostenveroordeling. De beschikking werd gegeven door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken door een vierde raadsheer op 12 april 2013.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen zonder nadere motivering.