ECLI:NL:HR:2013:BZ7203
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatie tegen arrest over onrechtmatig handelen door onjuiste verklaringen
In deze zaak vordert eiser een verklaring voor recht wegens onrechtmatig handelen door verweerders, die opzettelijk onjuiste verklaringen zouden hebben afgelegd. De procedure begon bij de rechtbank Amsterdam met meerdere vonnissen en werd voortgezet bij het gerechtshof Amsterdam, dat op 7 februari 2012 arrest wees. Eiser stelde vervolgens beroep in cassatie in tegen dit arrest.
De verweerders verschenen niet in cassatie, waardoor verstek werd verleend. De Advocaat-Generaal adviseerde tot verwerping van het cassatieberoep. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad verwerpt het beroep van eiser en veroordeelt hem in de kosten van het cassatiegeding, welke aan de zijde van verweerders nihil worden begroot. Het arrest werd gewezen door de raadsheren Van Buchem-Spapens, De Groot, Polak en in het openbaar uitgesproken door Loth op 21 juni 2013.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt verworpen en hij wordt in de kosten veroordeeld.