ECLI:NL:HR:2013:BZ8363
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Bevestiging arrest over afbouw werkgeversbijdrage premie particuliere ziektekostenverzekering gepensioneerden
In deze zaak stond de afbouw van de werkgeversbijdrage in de premie van particuliere ziektekostenverzekeringen voor (gepre)pensioneerde voormalige werknemers centraal, mede in verband met de invoering van de Zorgverzekeringswet. Fortis Bank, als rechtsopvolgster van Fortis Bank (Nederland) N.V., stelde cassatieberoep in tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag, waarin het hof het standpunt van de voormalige werknemers en hun erfgenamen had bevestigd.
De procedure kende meerdere feitelijke instanties, waaronder vonnissen van de kantonrechter te Rotterdam en een arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage. De Hoge Raad heeft de klachten van Fortis Bank onderzocht en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Er was geen noodzaak tot nadere motivering omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad heeft het beroep verworpen en Fortis Bank veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding. Hiermee blijft het arrest van het gerechtshof ongewijzigd van kracht, waarmee de afbouw van de werkgeversbijdrage in de premie particuliere ziektekostenverzekering voor de betrokken gepensioneerden is bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Fortis Bank wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof blijft ongewijzigd.