Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de middelen
3.Beslissing
8 juli 2014.
Hoge Raad
Verdachte heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem van 21 augustus 2012 in een strafzaak. De raadsman van verdachte heeft middelen van cassatie voorgesteld, waarop de Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad heeft de middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot cassatie kunnen leiden. Gezien artikel 81, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering is geen nadere motivering vereist omdat de middelen niet leiden tot beantwoording van rechtsvragen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarom heeft de Hoge Raad het beroep verworpen en het arrest van het Gerechtshof bevestigd. De uitspraak is gedaan door de vice-president en twee raadsheren tijdens een openbare terechtzitting op 8 juli 2014.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen en het arrest van het Gerechtshof Arnhem bevestigd.