Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de middelen
3.Beslissing
11 maart 2014.
Hoge Raad
Op 11 maart 2014 heeft de Hoge Raad der Nederlanden het cassatieberoep van verdachte verworpen tegen het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 maart 2013. Het beroep was ingesteld door verdachte en werd in cassatie behandeld onder nummer 13/02012.
Namens verdachte trad mr. C.C. Polat op als advocaat. De Advocaat-Generaal G. Knigge concludeerde tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad oordeelde dat de middelen niet tot cassatie konden leiden en dat nadere motivering niet nodig was omdat de middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Het arrest werd gewezen door vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, met raadsheren N. Jörg en V. van den Brink, en uitgesproken in openbare terechtzitting. Hiermee blijft het arrest van het hof in stand en wordt het cassatieberoep afgewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte is verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.