Uitspraak
Staatssecretaris van Financiëntegen de uitspraak van het
Gerechtshof Amsterdamvan 3 juli 2014, nrs. 12/00860 tot en met 12/00869, op de hoger beroepen van de Inspecteur tegen een uitspraak van de Rechtbank te Haarlem (nrs. AWB 10/1019, 10/1020, 11/6019, 11/6027 tot en met 11/6030 en 11/6034 tot en met 11/6036) betreffende de aan
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) over de jaren 1996 tot en met 2001 opgelegde navorderingsaanslagen in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en de over de jaren 1997 tot en met 2000 opgelegde navorderingsaanslagen in de vermogensbelasting, de daarbij gegeven beschikkingen inzake een verhoging of boetebeschikkingen en de daarbij gegeven beschikkingen inzake heffingsrente.