Uitspraak
de Staatssecretaris van Financiëntegen de uitspraak van het
Gerechtshof Amsterdamvan 3 juli 2014, nrs. 12/00932 en 12/01064 tot en met 12/01069, op de hoger beroepen van
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen een uitspraak van de Rechtbank te Haarlem (nrs. 10/3566, 10/3567 en 11/6020 tot en met 11/6024) betreffende de aan belanghebbende over de jaren 1996 tot en met 2001 opgelegde navorderingsaanslagen in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en de over het jaar 1997 opgelegde navorderingsaanslag in de vermogensbelasting en de daarbij gegeven beschikkingen inzake heffingsrente.