Uitspraak
wonende te [woonplaats],
wonende te [woonplaats],
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Beoordeling van het middel
Het hof is in rov. 4.5-4.11 tot het oordeel gekomen dat de taartpunt en de strook door verjaring eigendom zijn geworden van [eiser] respectievelijk [verweerder]. Dit betekent dat de feitelijke grens – dus de afrastering – ook de erfgrens is (geworden), zoals het hof ook heeft overwogen in rov. 4.11 en heeft beslist in zijn dictum.
4.Beslissing
6 februari 2015.