Uitspraak
gevestigd te Westerhaar-Vriezenveensewijk, gemeente Twenterand,
wonende te [plaats],
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3 Beoordeling van het middel
4.Beslissing
16 oktober 2015.
Hoge Raad
In deze zaak heeft de Hoge Raad het cassatieberoep van Horeca Exploitatie Maatschappij Sibculo Holding B.V. (HEMS) verworpen. De zaak betrof de vraag of bij een faillietverklaring van een BV op verzoek van een werkneemster met een loonvordering sprake is van een overgang van onderneming in de zin van artikel 7:662 e.v. van het Burgerlijk Wetboek.
De feiten betreffen een procedure waarin de rechtbank Overijssel en het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden eerder uitspraken deden. Het hof oordeelde dat geen sprake was van overgang van onderneming. HEMS stelde zich op het standpunt dat dit onjuist was en ging in cassatie.
De Hoge Raad verwijst naar de eerdere vonnissen en arresten en oordeelt dat de klachten van HEMS niet leiden tot cassatie. De Hoge Raad acht geen aanleiding tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling en verwerpt het beroep. Hiermee blijft de uitspraak van het hof in stand dat geen overgang van onderneming heeft plaatsgevonden.
De uitspraak bevestigt de toepassing van de bepalingen in Boek 7 BW omtrent overgang van onderneming en de specifieke omstandigheden bij faillissement op verzoek van een werknemer met loonvordering.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat geen sprake is van overgang van onderneming bij faillissement op verzoek van werknemer met loonvordering.