ECLI:NL:HR:2015:3496

Hoge Raad

Datum uitspraak
8 december 2015
Publicatiedatum
8 december 2015
Zaaknummer
14/03586
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 430a Sr
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging arrest wegens grondslagverlating bij toepassing art. 430a Sr naaktrecreatie Delftse Hout

In deze strafzaak stond de toepassing van art. 430a Sr centraal, betreffende naaktrecreatie op een locatie in de Delftse Hout. De verdachte werd in hoger beroep door het Gerechtshof Den Haag veroordeeld, maar het hof paste een uitleg toe van de term 'plaats die niet voor ongeklede recreatie geschikt is' die volgens de Hoge Raad onjuist was.

De Advocaat-Generaal stelde cassatiemiddel voor dat het hof de grondslag van de tenlastelegging had verlaten door deze onjuiste uitleg. De raadsman van de verdachte verzette zich hiertegen, maar de Hoge Raad volgde de conclusie van de Advocaat-Generaal.

De Hoge Raad verwijst daarbij naar een eerdere uitspraak (ECLI:NL:HR:2015:3462) waarin de interpretatie van de wettelijke term nader is toegelicht. Gezien deze onjuiste uitleg kan het bestreden arrest niet in stand blijven.

Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof en wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Den Haag voor een nieuwe berechting en beslissing op het bestaande hoger beroep.

Het arrest werd uitgesproken door de vice-president van de Hoge Raad en twee raadsheren, in aanwezigheid van de griffier, tijdens een openbare terechtzitting op 8 december 2015.

Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.

Uitspraak

8 december 2015
Strafkamer
nr. S 14/03586
MD/ES
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 11 juli 2014, nummer 22/000554-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1952.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de Advocaat-Generaal bij het Hof. Deze heeft bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De raadsman van de verdachte, G. Spong, advocaat te Amsterdam, heeft het beroep tegengesproken.
De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof Den Haag, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
De raadsman van de verdachte heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

2.1.
Het middel klaagt onder meer dat het Hof de grondslag van de tenlastelegging heeft verlaten doordat het een onjuiste uitleg heeft gegeven aan de daarin voorkomende, aan art. 430a Sr ontleende, uitdrukking "plaats die niet voor ongeklede recreatie geschikt was".
2.2.
Op de gronden die zijn vermeld in het heden uitgesproken arrest in de zaak 14/03582, ECLI:NL:HR:2015:3462, is de klacht gegrond.

3.Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven, het middel voor het overige geen bespreking behoeft, en als volgt moet worden beslist.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Den Haag, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
8 december 2015.