ECLI:NL:HR:2015:363

Hoge Raad

Datum uitspraak
20 februari 2015
Publicatiedatum
19 februari 2015
Zaaknummer
14/03395
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt afwijzing cassatie in zaak onroerendezaakbelasting gemeente Bloemendaal

Belanghebbende stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 22 mei 2014, waarin het hoger beroep van de heffingsambtenaar van de gemeente Bloemendaal tegen een uitspraak van de Rechtbank Haarlem werd behandeld. De zaak betrof een beschikking krachtens de Wet waardering onroerende zaken en een aanslag onroerendezaakbelasting voor het jaar 2011 betreffende een onroerende zaak te Bloemendaal.

De Hoge Raad beoordeelde de klachten van belanghebbende en oordeelde dat deze niet tot cassatie konden leiden. Gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie behoefde dit geen nadere motivering, omdat de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.

Verder achtte de Hoge Raad geen gronden aanwezig om belanghebbende te veroordelen in de proceskosten. De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep ongegrond en sprak het arrest uit op 20 februari 2015.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard zonder nadere motivering.

Uitspraak

20 februari 2015
Nr. 14/03395
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Amsterdamvan 22 mei 2014, nr. 12/00653, op het hoger beroep van de heffingsambtenaar van de gemeente Bloemendaal tegen een uitspraak van de Rechtbank Haarlem (nr. AWB 12/1649) betreffende een krachtens de Wet waardering onroerende zaken gegeven beschikking en een aanslag in de onroerendezaakbelastingen voor het jaar 2011 betreffende de onroerende zaak [a-straat 1] te [Z] (gemeente Bloemendaal).

1.Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bloemendaal heeft een verweerschrift ingediend.

2.Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president R.J. Koopman en de raadsheren M.A. Fierstra en J. Wortel, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 20 februari 2015.