ECLI:NL:HR:2016:1347

Hoge Raad

Datum uitspraak
8 juli 2016
Publicatiedatum
30 juni 2016
Zaaknummer
13/00975
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Uitspraak na prejudiciële beslissing
Rechters
  • J.A.C.A. Overgaauw
  • R.J. Koopman
  • D.G. van Vliet
  • C.B. Bavinck
  • L.F. van Kalmthout
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Verordening (EEG) nr. 2658/87Verordening (EG) nr. 1031/2008Verordening (EG) nr. 948/2009
Verwijzingen
5 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad bevestigt tariefindeling elektrisch apparaat voor streaming geluid onder post 8519 GN

De zaak betreft de tariefindeling van de Zoneplayer, een elektrisch apparaat dat digitale geluidsbestanden via internet of een lokaal netwerk ontvangt en deze omzet in versterkt geluid. Na een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ EU) heeft dit Hof geoordeeld dat een dergelijk apparaat moet worden ingedeeld onder post 8519 van de Gecombineerde Nomenclatuur (GN), onder voorbehoud van feitelijke beoordeling door de verwijzende rechter.

Belanghebbende stelde dat de Zoneplayer niet als een standalone toestel functioneert en daarom onder post 8517 van de GN ingedeeld moet worden. De Hoge Raad heeft deze stelling onderzocht en vastgesteld dat het HvJ EU niet heeft aangenomen dat de Zoneplayer zonder netwerkverbinding kan functioneren. Het HvJ EU heeft juist geoordeeld dat de Zoneplayer uitsluitend geluid weergeeft en als zodanig onder post 8519 valt.

De Hoge Raad concludeert dat de middelen van belanghebbende falen en verklaart het cassatieberoep ongegrond. Er is geen aanleiding om de proceskosten aan belanghebbende toe te rekenen. Dit arrest bevestigt de uitleg van de GN en de jurisprudentie van het HvJ EU met betrekking tot de tariefindeling van dergelijke elektronische apparaten.

Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat de Zoneplayer onder post 8519 van de Gecombineerde Nomenclatuur valt.

Uitspraak

8 juli 2016
nr. 13/00975bis
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
Sonos Europe B.V.te
Hilversum(hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Amsterdamvan 10 januari 2013, nrs. 11/00696, 11/00697 en 11/00698, na beantwoording van de door de Hoge Raad bij een arrest aan het Hof van Justitie van de Europese Unie gestelde vragen.

1.De loop van het geding in cassatie tot dusver

Voor een overzicht van het geding in cassatie tot aan het door de Hoge Raad in dit geding gewezen arrest van 13 februari 2015, nr. 13/00975, ECLI:NL:HR:2015:285, BNB 2015/71, wordt verwezen naar dat arrest, waarbij de Hoge Raad aan het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft verzocht een prejudiciële beslissing te geven over de in dat arrest geformuleerde vragen.
Bij arrest van 17 maart 2016, Sonos Europe B.V., C‑84/15, ECLI:EU:C:2016:184, BNB 2016/120, heeft het Hof van Justitie, uitspraak doende op die vragen, voor recht verklaard:
“De gecombineerde nomenclatuur zoals opgenomen in bijlage I bij verordening (EEG) nr. 2658/87 van de Raad van 23 juli 1987 met betrekking tot de tarief- en statistieknomenclatuur en het gemeenschappelijk douanetarief, in de versie die achtereenvolgens voortvloeit uit verordening (EG) nr. 1031/2008 van de Commissie van 19 september 2008 en verordening (EG) nr. 948/2009 van de Commissie van 30 september 2009, moet aldus worden uitgelegd dat een standalone toestel dat is ontworpen voor het ophalen, ontvangen en via streaming in de vorm van versterkt geluid weergeven van geluidsbestanden, zoals het toestel in het hoofdgeding, moet worden ingedeeld onder post 8519 van deze nomenclatuur, onder voorbehoud van de beoordeling door de verwijzende rechter van alle feitelijke elementen waarover hij beschikt.”
Zowel belanghebbende als de Staatssecretaris heeft, daartoe in de gelegenheid gesteld, schriftelijk gereageerd op dit arrest.

2.Nadere beoordeling van de middelen

2.1.
Het Hof van Justitie heeft in het hiervoor onder 1 vermelde arrest geoordeeld dat de Gecombineerde Nomenclatuur (hierna: de GN) aldus moet worden uitgelegd dat een goed als de Zoneplayer, onder voorbehoud van de beoordeling door de verwijzende rechter van alle feitelijke gegevens waarover hij beschikt, moet worden ingedeeld onder post 8519 van de GN. Bij dit een en ander heeft het Hof van Justitie in aanmerking genomen dat de Zoneplayer is ontworpen om geluid, en meer in het bijzonder muziek, weer te geven, en dat deze aan de consument wordt aangeboden als een draadloos systeem voor de weergave van hifi stereogeluid, waaruit volgt dat het verbinden van de Zoneplayer met het netwerk enkel tot doel heeft deze in staat te stellen de functie uit te oefenen waarvoor hij is bedoeld. Voorts legt het Hof van Justitie post 8519 van de GN zo uit dat het enkele feit dat de bron van het geluid van de Zoneplayer niet afkomstig is van een intern geheugensysteem, niet uitsluit dat de Zoneplayer onder die post wordt ingedeeld. Naar het oordeel van het Hof van Justitie heeft de Zoneplayer slechts één functie, te weten het weergeven van geluid, zodat indeling onder post 8517 niet in aanmerking komt.
2.2.
In reactie op het arrest van het Hof van Justitie wordt van de zijde van belanghebbende aangevoerd dat indeling van de Zoneplayer, gelet op de door de verwijzende rechter nog vast te stellen feiten, moet plaatsvinden onder post 8517 van de GN. Betoogd wordt dat de gegevens waarvan het Hof van Justitie is uitgegaan bij zijn oordeel dat uitsluitend post 8519 van de GN van toepassing is, niet - althans niet alle - betrekking hebben op de Zoneplayer. De objectieve kenmerken en eigenschappen van de Zoneplayer wijken, aldus belanghebbende in haar reactie, af van hetgeen het Hof van Justitie ten grondslag heeft gelegd aan zijn arrest, terwijl deze voldoende houvast bieden om de Zoneplayer in te delen onder post 8517 van de GN. Daarbij wijst belanghebbende in het bijzonder op de door het Hof van Justitie gebezigde aanduiding ‘standalone’ toestel, terwijl de Zoneplayer volgens belanghebbende niet ‘standalone’ werkt, maar – zoals in post 8517 van de GN bedoelde toestellen - alleen in verbinding met het internet of een (ander) netwerk.
2.3.
In de reactie van belanghebbende worden geen feiten aangevoerd die niet door het Hof van Justitie in aanmerking zijn genomen bij het oordeel dat de Zoneplayer moet worden ingedeeld onder post 8519 van de GN. Het Hof van Justitie is uitgegaan van de door de Hoge Raad in zijn hiervoor onder 1 vermelde arrest van 13 februari 2015 vermelde beschrijving van (de werking van) de Zoneplayer en heeft daaruit, alsmede uit het gegeven dat de Zoneplayer aan de consument wordt aangeboden als een draadloos systeem voor de weergave van hifi stereogeluid – welk gegeven in de reactie van belanghebbende niet wordt weersproken – geconcludeerd dat de Zoneplayer als enige functie heeft het weergeven van geluid, zoals omschreven in post 8519 van de GN. Daarbij is het Hof van Justitie, anders dan in de reactie van belanghebbende wordt verondersteld, niet ervan uitgegaan dat de Zoneplayer een ‘standalone’ toestel is in die zin dat deze functioneert dan wel ook kan functioneren zonder verbinding met een netwerk (vgl. hiervoor de punten 42 en 47 van het arrest van het Hof van Justitie).
De middelen falen derhalve.

3.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, de vice-president R.J. Koopman, en de raadsheren D.G. van Vliet, C.B. Bavinck en L.F. van Kalmthout, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 8 juli 2016.