Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van de middelen
3.Beslissing
20 september 2016.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep ingesteld door verdachte tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. De zaak draait om de afbeelding van een vuurwapen op de hoes van een uitgebrachte cd van een rapper, waarbij toepassing wordt gegeven aan de Vuurwapenverordening 1930.
Namens verdachte heeft advocaat R.J. Baumgardt middelen van cassatie voorgesteld. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De Hoge Raad oordeelt dat de middelen niet tot cassatie kunnen leiden en dat geen nadere motivering nodig is, omdat de middelen geen rechtsvragen in het belang van rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproepen.
Het arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en V. van den Brink. Het beroep wordt verworpen en daarmee blijft het vonnis van het Gemeenschappelijk Hof in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen, het vonnis van het Gemeenschappelijk Hof blijft in stand.