ECLI:NL:HR:2016:431

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 maart 2016
Publicatiedatum
17 maart 2016
Zaaknummer
15/03583
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
1 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in bestuursrechtelijke zaak over herziening uitspraak

Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 18 juni 2015, waarin het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam werd behandeld. De zaak betrof een verzoek tot herziening van een eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 22 juli 2011.

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aalsmeer diende een verweerschrift in, waarna belanghebbende een conclusie van repliek indiende. Het College diende een conclusie van dupliek in, maar deze werd niet in behandeling genomen omdat deze na de gestelde termijn werd ingediend.

De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen nadere motivering nodig was, aangezien de klachten geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling. Tevens werden geen proceskosten aan belanghebbende toegekend.

De Hoge Raad verklaarde het beroep in cassatie ongegrond en sprak het arrest uit in het openbaar op 18 maart 2016, gewezen door de vice-president en raadsheren van de Hoge Raad.

Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende is ongegrond verklaard.

Uitspraak

18 maart 2016
Nr. 15/03583
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van
[X]te
[Z](hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het
Gerechtshof Amsterdamvan 18 juni 2015, nr. 13/00732, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam (nr. AWB 13/301) betreffende het verzoek van belanghebbende tot herziening van de uitspraak van de Rechtbank Amsterdam van 22 juli 2011, nr. AWB 10/6955.

1.Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Aalsmeer (hierna: het College) heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.
Het College heeft een conclusie van dupliek ingediend. Nu deze conclusie bij de Hoge Raad na afloop van de daartoe gestelde termijn is ingediend, slaat de Hoge Raad op dit stuk geen acht.

2.Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3.Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4.Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Dit arrest is gewezen door de vice-president R.J. Koopman als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra en M.E. van Hilten, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 18 maart 2016.