Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2017:1098

Hoge Raad

Datum uitspraak
16 juni 2017
Publicatiedatum
15 juni 2017
Zaaknummer
17/00300
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROWet Bopz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek om schadevergoeding wegens schending Wet Bopz afgewezen door Hoge Raad

In deze zaak heeft betrokkene een verzoek tot cassatie ingesteld tegen een beschikking van de rechtbank Noord-Holland, waarin een verzoek om toekenning van schadevergoeding wegens schending van een voorschrift van de Wet Bopz werd behandeld.

De Hoge Raad verwijst naar de beschikking van de rechtbank van 20 oktober 2016 voor het geding in feitelijke instantie. De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekte tot verwerping van het cassatieberoep.

De Hoge Raad oordeelt dat de aangevoerde klachten niet leiden tot cassatie, mede omdat deze niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of rechtsontwikkeling noodzaken. Daarom wordt het beroep verworpen.

De beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, M.V. Polak en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door G. de Groot op 16 juni 2017.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de afwijzing van het verzoek om schadevergoeding.

Uitspraak

16 juni 2017
Eerste Kamer
17/00300
RM/JS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
[betrokkene],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. J. van Weerden.
Verzoekster zal hierna ook worden aangeduid als betrokkene.

1.Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/15/249509 / FA RK 16-5946 van de rechtbank Noord-Holland van 20 oktober 2016.
De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.

2.Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van de rechtbank heeft betrokkene beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het beroep.

3.Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO Pro, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op
16 juni 2017.