Uitspraak
gevestigd te Den Haag,
gevestigd te Duiven,
wonende te [woonplaats],
1.Het geding in feitelijke instanties
2.Het geding in cassatie
3.Uitgangspunten in cassatie
De kantonrechter heeft de verzoeken van [verweerder] afgewezen.
De Parochie heeft enkele werknemers in dienst. (rov. 5.7)
4.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
dekeuze van het hof niet onbegrijpelijk, in aanmerking genomen dat de vorderingen in de procedure ten principale overeenkomen met de verzoeken in de deelgeschilprocedure, en gelet op het processuele debat.
5.Beoordeling van het middel
Die klachten komen, kort gezegd, erop neer dat het vrijwilligerswerk van [verweerder] niet onder de reikwijdte van art. 7:658 lid 4 BW Pro valt, dat de Parochie geen bedrijf uitoefende en dat de werkzaamheden die vrijwillig werden uitgevoerd, dan ook niet in de uitoefening van een bedrijf zijn uitgevoerd en voorts nimmer door werknemers van de Parochie zouden zijn uitgevoerd. De klachten lenen zich voor gezamenlijke behandeling.
6.Beslissing
15 december 2017.