Belanghebbende vroeg op 29 november 2013 een verklaring arbeidsrelatie (VAR) aan voor werkzaamheden die zij in 2014 zou verrichten. De Inspecteur gaf een VAR-loon voor AWBZ-werkzaamheden en weigerde een VAR-wuo voor PGB-werkzaamheden, waarna belanghebbende een tweede aanvraag indiende die wel werd gehonoreerd.
Het Hof oordeelde dat de Inspecteur terecht alleen voor de hoofdactiviteit (AWBZ-werkzaamheden) een VAR had afgegeven en dat voor andere activiteiten een nieuwe aanvraag moest worden ingediend. Dit oordeel werd door de Hoge Raad vernietigd omdat de Wet IB 2001 niet vereist dat voor verschillende arbeidsrelaties aparte aanvraagformulieren worden ingediend.
De Hoge Raad verwijst de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam om te beoordelen of belanghebbende recht heeft op schadevergoeding wegens het niet gelijktijdig afgeven van de VAR-wuo voor de PGB-werkzaamheden. De Staatssecretaris wordt veroordeeld in de proceskosten van cassatie.