Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
25 september 2018.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag inzake hennepteelt en diefstal van elektriciteit. Het cassatieberoep werd ingesteld door de verdachte, vertegenwoordigd door zijn advocaat.
De Hoge Raad beoordeelde het ingediende middel, maar oordeelde dat dit middel niet tot cassatie kon leiden. Er was geen noodzaak tot nadere motivering omdat het middel geen rechtsvragen opriep die van belang waren voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
Daarom werd het cassatieberoep verworpen. Het arrest werd gewezen door de vice-president en twee raadsheren, en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 25 september 2018.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt verworpen en het arrest van het gerechtshof wordt bevestigd.