ECLI:NL:HR:2018:2156

Hoge Raad

Datum uitspraak
20 november 2018
Publicatiedatum
20 november 2018
Zaaknummer
17/02988
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 94 SvArt. 134 lid 2 SvArt. 552a Sv
Verwijzingen
6 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid in cassatieberoep bij beslag op gehuurde graafmachine

In deze zaak betrof het een klaagschrift tegen beslag op een gehuurde graafmachine die in beslag was genomen onder verdenking van verduistering. Zowel klager als het verhuurbedrijf hadden afzonderlijk klaagschriften ingediend. Het hof verklaarde het klaagschrift van klager ongegrond en dat van het verhuurbedrijf gegrond, waarna de graafmachine aan het verhuurbedrijf werd teruggegeven.

De Hoge Raad oordeelde dat op grond van artikel 134 lid 2 Sv Pro het beslag met de onherroepelijke beschikking tot teruggave is beëindigd, waardoor klager geen belang meer heeft bij vernietiging van de bestreden beschikking. Hierdoor is klager niet-ontvankelijk in het cassatieberoep.

Daarnaast benadrukte de Hoge Raad dat bij meerdere klaagschriften over hetzelfde voorwerp het bevorderlijk is dat de rechter deze samenvoegt en in één beschikking beoordeelt, om zo een evenwichtige en doelmatige afdoening te waarborgen en te voorkomen dat belanghebbenden tegen verschillende beslissingen afzonderlijk beroep moeten instellen.

Uitkomst: Klager is niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens gebrek aan belang na onherroepelijke teruggave van het beslag.

Uitspraak

20 november 2018
Strafkamer
nr. S 17/02988 B
ES
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 3 februari 2017, nummer RK 000684/16, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend door:
[klager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991.

1.Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft P. Bonthuis, advocaat te Joure, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld.
De Advocaat-Generaal G. Knigge heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de klager in het cassatieberoep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal kan de klager niet worden ontvangen in het ingestelde beroep.

3.Beslissing

De Hoge Raad verklaart de klager niet-ontvankelijk in het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
20 november 2018.